Van 1990-1997 danste Uri Ivgi bij de Kibbutz Contemporary Dance Company in Israël; Johan Greben danste van 1985-1995 bij Het Nationale Ballet . Hierna begonnen beiden individueel aan een succesvolle carrière als choreograaf.

In 1998 won Ivgi de prijs voor Aankomend Choreografisch Talent van het Ministerie van Cultuur in Israël. Greben ontving onder andere de Aanmoedigingsprijs Choreografie 1989 van het Amsterdams Fonds voor de Kunst. Daarnaast wonnen beiden verscheidene prijzen tijdens diverse choreografieconcoursen in binnen- en buitenland.


In 2002 vond hun eerste samenwerking plaats met een nieuwe versie van Carmen op uitnodiging van het Szeged Contemporary Ballet in Hongarije. Dit stuk werd met veel succes op diverse internationale festivals gepresenteerd. Vanaf 2002 creëerden Ivgi&Greben nieuw werk voor ondermeer It Dansa in Spanje, De Tsjechische National Theatre Ballet, Scottish Dance Theatre, Skânes Dansteater en Norrdans (beide in Zweden), Scapino Ballet Rotterdam en Tanzkompanie Theater St. Gallen in Zwitserland. Het werk van Ivgi&Greben wordt vaak omschreven als gepassioneerd, theatraal een zeer fysiek.


Voor Dansgroep Amsterdam maakten Ivgi & Greben in 2010 de solo Object voor het programma SoloDuet.